Essay –

#3Evenzo is het voor het plein. Het plein is het hart van de stad. Maar het plein wordt overspoeld met onbekenden; de kermis neemt haar volledig over en verkracht al haar charme. Ik sta te wachten met de fiets aan de hand, maar ik kom niet overgestoken; de stoet van selfiesticks is eindeloos. Als vogelverschrikkers lopen ze achter de omhooggestoken paraplu aan. Een aaneengeschakelde parade, een stoet; een polonaise zonder dat ze handen op de schouder van de voorganger hoeven te leggen. Ze komen uit de cruiseschepen die af en aan varen en als ze even aanmeren vertrekken de mieren, ze plunderen het plein, laten het lijf overprikkeld achter.